Vasten en Valentijn

Hoe bijzonder is het dat dit jaar op woensdag 14 februari, op Valentijnsdag, de vastenperiode begint. Sinds een aantal jaren is vanuit Amerika het gebruik versterkt om op Valentijnsdag je geliefde een cadeautje te geven: een bloem, een kaart, een chocolaatje. Dat we dat op 14 februari doen, komt omdat in 496 Paus Gelasius I deze dag uitriep tot de dag van de heilige Valentijn.

Er zijn verschillende uitleggen over wie die Valentijn zou zijn. Volgens één ervan zou deze priester jonge geliefden in het geheim trouwen. Waarna Valentijn gevangen werd genomen,  gemarteld en onthoofd. Vlak voor zijn dood zou hij een briefje aan de dochter van de cipier gegeven hebben, met daarop ‘Van je Valentijn’. Vandaar het gebruik om op Valentijnsdag een kaartje naar je geliefde te sturen. Later is hij heilig verklaard en is vervolgens Valentijnsdag ontstaan.

Dat deze dag nu samenvalt met Aswoensdag is misschien niet bijzonder, of misschien toch ook wel? De liefde van God houdt immers nooit op!

Na een uitbundig carnaval gaan we de vastenperiode in, om 40 dagen lang als christen jezelf voor te bereiden op het Paasfeest. We doen dit uit liefde voor Onze Lieve Heer. Het vasten en onthouden mag je tegenwoordig redelijk zelf invullen, is bepaald door bisschoppenconferenties. Zo zou je dus tijdens de vastenperiode een bepaalde luxe of gewoonte 40 dagen kunnen laten, zoals roken, facebooken, snoep of alcohol nuttigen. Het geld dat je bij bepaalde onthoudingen spaart, zou je dan weer – in de geest van Valentijn – aan een goed doel kunnen schenken of uit barmhartigheid aan iemand die het hard nodig heeft. En zo, vind ik het toch bijzonder dat de vastenperiode begint op Valentijnsdag, een dag die bol staat van liefde. En misschien dan ook meteen voor Valentijn een kaarsje bij Maria aansteken die dag?

door Mirjan Boot-de Werd, redactie